Alles over honden: rassen, opvoeding en gezondheid Onafhankelijk · Een site van Petmedia

Herkomst  
De eerste verwijzing naar een Kerry Blue Terriër dateert uit het midden van de 19de eeuw.
Zeer populair in Ierland, waar het ras een nationale mascotte is geweest tijdens de Ierse vrijheidsstrijd.
Aan zijn wieg hebben vermoedelijk de wolfshond en de Keltische herdershond gestaan.
Sinds 1919 verschijnt dit ras op tentoonstellingen; in 1926 kwam de eerste naar Nederland.
**Algemeen voorkomen
Qua bouw en karakter een echte Terriër, die een pittige indruk maakt. Evenredig gebouwd met een kort, goed ontwikkeld en gespierd lichaam. Opvallend zijn de blauwe vacht en het typische Terriërhoofd, dat vrij vierkant aandoet.
De staart is hoog aangezet en wordt vrolijk gedragen.

Schofthoogte reuen 45,5 - 49,5 cm, teven 44,5 - 48 cm
Gewicht reuen 15 - 18 kg, teven in verhouding minder

Ierse kerry blue terrier
Foto: Eigen archief



Vacht De vacht is zacht, overvloedig en golvend en doet denken aan astrakan.
Kleur: alle tinten blauw met of zonder zwarte aftekeningen.
(Zwart en een bruine gloed zijn slechts toegestaan tot 18 maanden.)

Gebruik Oorspronkelijk gefokt als pure werkhond voor het onschadelijk maken van allerlei klein ongedierte en het bewaken van het erf.
Stond vroeger bekend als 'allround boerderijhond'.
Heeft zich ontwikkeld tot tentoonstellingshond en populaire gezinshond, die tolerant is ten opzichte van kinderen.

Gezondheid Geen ernstige rasgebonden afwijkingen bekend.

Aard Levendig, attent, aanhankelijk, waaks en soms grillig of vechtlustig.

Bijzonderheden De Kerry Blue Terriër verhaart niet en verspreidt geen zogenaamde 'hondenlucht'.
De vacht moet (in model) worden geknipt.
Regelmatig kammen.