Herkomst
Dogachtige, van Chinese afkomst, vaak goed getypeerd met het latijnse 'Multum in parvo': veel hond in een klein lichaam.
In de zestiende eeuw door Nederlanders naar het Westen gebracht, sindsdien geliefd bij veel Europese vorsten.
Algemeen voorkomen
Kwadratisch en gedrongen, harmonisch en goed bespierd.
Korte neus en grote ogen.
Zijn verschijning straalt zowel waardigheid als geestigheid uit.
Schofthoogte reuen en teven ongeveer 30-35 cm
Gewicht 6,5-8,5 kg
Vacht Kortharig, glad, zacht en glanzend.
Zilvergrijs, geel, abrikoos (met een zwart masker en op de rug een zwarte streep, 'aalstreep') of geheel zwart.
Gebruik gezelschapshond
Gezondheid Een ras dat heel oud kan worden.
De grote ogen en plooien vragen attentie.
Zoals bij veel kleine rassen kan ook in dit ras incidenteel patella luxatie voorkomen.
Aard Vrolijk, blij en charmant, aanhankelijk en uiterst verdraagzaam met mensen, ook met kinderen en andere honden.
Waaksheid en agressiviteit is hem vreemd.
Leergierig, maar ook eigenwijs en koppig.
Bijzonderheden De omgeving van de ogen en de neus moet goed schoon en drooggehouden worden.
De vacht vraagt nauwelijks zorg, buiten de gewone borstelbeurt.