Alles over honden: rassen, opvoeding en gezondheid Onafhankelijk · Een site van Petmedia

Herkomst
De oorsprong van de Parson Jack Russell Terriër ligt in Devon (Engeland).
Uit verschillende Terriërs tot ras ontwikkeld door de Engelse predikant John (Jack) Russell (1795-1883). Jachtkwaliteiten staan voorop.
Na de Tweede Wereldoorlog steeg de populariteit, speciaal bij jagers en paardenmensen. In 1990 nationaal en internationaal erkend.
Er is een hoogteverschil met de (laagbeniger) Jack Russell Terriër, die ook andere lichaamsverhoudingen heeft.

Algemeen voorkomen
De hond is iets langer dan hoog, heeft een gespierde nek en een lenig lichaam.
Goed in balans.
De borstkas is vlak achter de ellebogen met twee handen te omspannen.
Hij is gebouwd op snelheid en uithoudingsvermogen.
Maakt de indruk van een werkende Terriër, die geschikt is om ondergronds te gaan.
Schofthoogte reuen 35 cm, teven 33 cm
Gewicht 5,5 - 8,5 kg

Parson russel terrier
Foto: Eigen archief



Vacht Er zijn drie soorten vachten: ruwharig, gebroken en gladharig.
De vacht is weerbestendig, van nature stug, gesloten en dicht ingeplant. Buik en onderkant moeten ook behaard zijn.
Kleur: geheel wit of wit met tan, lemon of zwarte aftekeningen. Aftekeningen bij voorkeur beperkt tot hoofd en staartaanzet.

Gebruik Is nog steeds een vasthoudende werkende Terriër met aanleg voor het werk onder de grond.
Ook een zeer gewaardeerde huishond, die een vaste hand van opvoeden nodig heeft.
Gezondheid Fokdieren worden onderzocht op het voorkomen van patella luxatie.
Aard Onverschrokken, vriendelijk en innemend.
Bijzonderheden De vacht heeft geen specifiek onderhoud nodig.