Over het ras
De Duitse Jacht Terrier is rond 1920 ontstaan in Beieren, Duitsland. De voorouders van dit ras zijn de kort- en ruwharige FoxTerriers en de Engelse Terrier. Hiermee heeft men een allround jachthond gecreeerd. De Duitse jacht Terrierclub hanteert een speciaal reglement voor de werkproeven die deze rashonden moeten afleggen. Tot de fokkerij worden alleen die honden toegelaten, die de werkproeven goed hebben afgelegd.
De Duitse Jacht Terrier is een middelmatige grote, stoer uitziende hond met een sterk gestel. Het lichaam heeft een rechte, sterke rug en de botten zijn relatief goed ontwikkeld. Kenmerkend zijn de V-vormige oren.
Door zijn voormaat oorspronkelijk en tegenwoordig gebruikt als aardhond, speurhond, drijfhond en zelfs voor het apporteren op het land en in het water. Wordt zelden als gezelschapshond gehouden.
De Duitse Jacht Terrier is fel, stoer, attent, zeer druk, agressief en zeer moedig. Het is een typische jachtspecialist met een stoer temperament en grote scherpte, en is daarbij zeer gereserveerd tegenover vreemden. Als jachtkameraad wordt hij door de jagers zeer gewaardeerd. Als huishond alleen geschikt als de dieren zeer goed zijn afgericht.