Over het ras
De Shetland Sheepdog is afkomstig van de Shetland-eilanden, aan de kust van Schotland. De voorouders van dit ras zijn keeshondachtige herdershonden, uit Noorwegen, die kolonisten geintroduceerd hebben. Ook honden uit IJsland zouden hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van dit ras. Kruisingen met de Schotse Herder Langhaar heeft de uiteindelijke gestalte van dit ras bepaald. Een bijnaam die dit ras kreeg was Toonie dog, wat boerderijhond betekent. Zin voornaamste taak was het bewaken en hoeden van de schaapskudden.
De Shetland Sheepdog oogt sierlijk en alert. Hij ziet er symmetrisch uit, heeft een vriendelijke uitdrukking. Dit ras lijkt op een kleine Schotse Herder.
ekleur, oranje of iedere tint van goud tot donker mahonie en blue merle, met witte aftekeningen. Zwart en wit, zwart en tan zijn ook toegestaan.
Dieren waarmee gefokt wordt moeten worden onderzocht op de aanwezigheid van heupdysplasie, de oogafwijking CEA. Hyperthyroidie, komt ook een enkele keer voor.
De Shetland Sheepdog is actief, intelligent, trouw, zacht, aanhankelijk vrolijk en oplettend. Dit ras kan zeer waaks zijn en blaft graag. Door zijn aard is dit ras zeer geschikt voor gehoorzaamheidsoefeningen. Een harde opvoeding is niet op zijn plaats voor deze dieren!
De Sheltie is van Schotse afkomst. Men neemt aan dat dit ras afstamt van de Scottish Rough Collies die naar het Schotse eiland Shetland zijn gebracht en daar gekruist zijn met de Icelandic Yakkin, een kleine eilandhond. Sinds die tijd is dit ras van tijd tot tijd met Collies gekruist. Rond 1700 was dit ras geheel ontwikkeld. Deze kleine honden werden eeuwenlang op Shetland gebruikt om schapen te hoeden en te bewaken. De Sheltie is zeer zachtaardig wanneer hij het kleine vee hoedt.
De Sheltie hoort bij de top van de honden in de gehoorzaamheidscompetities en hij uitzonderlijk slim en werkt graag. Dit is het resultaat van de overgeërfde waakzaamheid , die nodig was om de boerderijen van kleine boeren, kuddes en herders tegen aanvallen te bewaken. Dit ras is voornamelijk in de twintigste eeuw verfijnd, nadat de Sheltie naar het vaste land van Schotland en nog verder is geëxporteerd. Aan het begin van de twintigste eeuw kwam de Sheltie naar Engeland. De Sheltie staat ook bekend als Shetland Sheepdog.
Vanwege zijn vriendelijke aard is de Sheltie tegenwoordig een van de meest populaire gezelschapshonden. De Sheltie is zachtaardig, gevoelig, trouw en aardig. Het is een zeer levendige, intelligente en makkelijk af te richten hond. De Sheltie is een van de slimste rassen binnen de hondenwereld. Het is een beminnelijke, trouwe en aanhankelijke hond tegenover zijn familie, maar hij is wantrouwend tegenover vreemden.
De Sheltie is een intelligente hoeder, die in staat is om zowel groot vee als kleine schapen onder controle te houden. Het hoedende instinct is bij veel Shelties sterk aanwezig en een eigenaar die zijn Sheltie uitlaat moet er grote zorg voor dragen om hem onder controle te houden. De Sheltie is een geharde hoedende hond en hij beschikt van nature over de volgende talenten: spoorzoeken, hoeden, waken, bewaken, behendigheid, competitieve gehoorzaamheid en het uitvoeren van kunstjes. De Sheltie is voor iedereen acceptabel door zijn toegewijde, volgzame aard en zijn scherpe intelligentie en begrip.
Deze hond heeft een gemiddelde levensverwachting van 12 tot 15 jaar. Deze honden hebbend de neiging tot het ontwikkelen van aangeboren misvorming en oogziektes. Sommige honden krijgen hypothyroïdie en knieschijfluxatie. De Sheltie moet niet overvoerd worden.
De vacht van de Sheltie moet regelmatig worden geborsteld. Bevochtig de vacht een beetje met water en verwijder de knopen voor ze te erg worden, maar vermijd overdadig kammen. In de lente en de herfst verhaart de dichte ondervacht. Deze hond wil graag schoon zijn. Baden en gebruik van droogshampoo allee indien nodig.\
Schofthoogte:
Reu 34,5 - 39,5 cm. Teef 35 - 38 cm.
Gewicht
6 - 7 kg.
Verschijning
Klein, langharige vacht, vriendelijk.
Aard
Trouw, intelligent, actief.
Hoofd
Schedel: vlak.
Wangen: vlak.
Snuit: rond.
Neus: zwart.
Ogen
Oogranden: zwart.
Schuin.
Kleur: bruin, blauw.
Oren
Klein.
Mond
Lippen: zwart, strak.
Gebit: schaargebit.
Hals
Gespierd.
Voorhand
Borst: diep.
Schouders: naar achteren geplaatst.
Voorbenen: gespierd, recht.
Lichaam
Ribben: goed gewelfd.
Rug: recht.
Achterhand
Dijen: gespierd, breed.
Sprong: goed gebogen.
Voeten
Vorm: ovaal.
Tenen: gebogen, dicht bij elkaar.
Beweging
Soepel.
Staart
Aanzet: laag.
Volle vacht.
Kleur
Zandkleurig, mahoniekleur, zwart - lichtbruin - wit, blauwgrijs - zwarte vlekken, zwart - wit.
Vacht
Bovenvacht: lang, recht.
Ondervacht: zacht, kort.
Fouten
Vacht: kort.
NB
Reuen: twee testikels moeten goed ingedaald zijn in het scrotum.
\
Beschrijving
De Shetland Sheepdog is afkomstig van de Shetland-eilanden, aan de kust van Schotland. De voorouders van dit ras zijn keeshondachtige herdershonden, uit Noorwegen, die kolonisten geïntroduceerd hebben. Ook honden uit IJsland zouden hebben bijgedragen aan de ontwikkeling van dit ras. Kruisingen met de Schotse Herder Langhaar heeft de uiteindelijke gestalte van dit ras bepaald. Een bijnaam die dit ras kreeg was Toonie dog, wat boerderijhond betekent. Zin voornaamste taak was het bewaken en hoeden van de schaapskudden.
De Shetland Sheepdog oogt sierlijk en alert. Hij ziet er symmetrisch uit, heeft een vriendelijke uitdrukking. Dit ras lijkt op een kleine Schotse Herder.
ekleur, oranje of iedere tint van goud tot donker mahonie en blue merle, met witte aftekeningen. Zwart en wit, zwart en tan zijn ook toegestaan.
Dieren waarmee gefokt wordt moeten worden onderzocht op de aanwezigheid van heupdysplasie, de oogafwijking CEA. Hyperthyroïdie, komt ook een enkele keer voor.
De Shetland Sheepdog is actief, intelligent, trouw, zacht, aanhankelijk vrolijk en oplettend. Dit ras kan zeer waaks zijn en blaft graag. Door zijn aard is dit ras zeer geschikt voor gehoorzaamheidsoefeningen. Een harde opvoeding is niet op zijn plaats voor deze dieren!
\
Karakter
Schofthoogte
Reu 60 - 68 cm. Teef 55 - 63 cm.
Verschijning
Middelgrote hond.
Aard
Intelligent, trouw.
Hoofd
Snuit: tamelijk lang.
Neus: zwart. Leverkleurig bij lichtere vacht.
Ogen
Tamelijk groot.
Vorm: amandelvormig.
Kleur: geel - amberbruin, blauw. Soms tweekleurig van ogen.
Oogleden: zwart.
Oren
Groot. Rechtopstaande oren.
Mond
Gebit: schaargebit.
Lippen: zwart.
Hals
Gespierd.
Voorhand
Gespierd.
Lichaam
Borst: diep.
Rug: recht.
Lendenen: gespierd.
Achterhand
Lang, gespierd.
Voeten
Klein.
Beweging
Gemakkelijk.
Staart
Lang.
Kleur
Alle natuurlijke kleuren.
Vacht
Middelmatige lengte.
NB
Reuen: twee testikels moeten goed ingedaald zijn in het scrotum.\