Alles over honden: rassen, opvoeding en gezondheid Onafhankelijk · Een site van Petmedia

Over het ras

De Welsh Corgi Cardigan is afkomstig uit de streek Cardiganshire in Zuid-Wales. Dit ras werd gebruikt voor het drijven en hoeden van runderen en pony's. De Welsh Corgi had als taak het vee onder controle te houden door het vee in de hakken te bijten. Dit wordt ‘heelen’ genoemd. De naam Corgi betekent dwerghond. De voorouders van dit ras zijn waarschijnlijk de Vastgotaspets uit Zweden, die door de Vikingen werden geintroduceerd. In 1928 werd dit ras officieel erkent door de Britse kennel Club. De Welsh Corgi werd rond 1934 opgedeeld in twee varieteiten; de Cardigan en de Pembroke. Voor 1934 was het nog normaal om de twee varieteiten met elkaar te kruisen. De Cardigan is iets groter dan de Pembroke en heeft een langere staart. De Cardigan is iets rustiger dan de Pembroke.

De Welsh Corgi Cardigan is een stoere, laaggestelde, krachtige, robuuste, levendige kleine herdershond. Het lichaam is middelmatig lang, en iets langer dan de Pembroke. Hij wordt geboren met een herkenbare dikke vossenstaart.

De Welsh Corgi Cardigan is levendig, schrander, gehard, betrouwbaar, waaks en actief. De dieren kunnen wantrouwend tegenover vreemden zijn. Hij heeft een groot uithoudingsvermogen en is trouw aan zijn gezin. In een gezin met kinderen moet hem op jonge leeftijd al afgeleerd worden om te ‘heelen’. De Welsh Corgi Pembroke kan zich gemakkelijk aanpassen, men moet er echter wel om denken dat het een herdershond betreft, en voldoende beweging nodig heeft.

Het kan goed zijn dat de Welsh Cardigan Corgi een afstammeling is van de Zweedse Valhunds die in de negende eeuw door de Vikingen mee naar Wales zijn gebracht. "Corgi" is het Keltische woord voor hond. Deze hond is voor het eerst tentoongesteld in Engeland in 1919 en de English Welsh Cardigan Corgi Association is opgericht in 1926. In 1934 is door de English Kennel Club bepaald dat de Cardigans en de Pembrokes aparte rassen zijn. Deze hond is in 1931 in de Verenigde Staten geïmporteerd en in 1934 door de American Kennel Club erkend.

Het is een zeer intelligente hond met een gezond lichaam en de Welsh Cardigan Corgi is een uitstekende gezelschapshond. Deze hond is slim, zeer gehoorzaam en zeer aanhankelijk. Ook is de Welsh Cardigan Corgi zeer beschermend van aard en wantrouwend tegenover vreemden. Deze hond kan binnenshuis zeer actief zijn en kan goed op een appartement leven.

De Welsh Cardigan Corgi is een gelijkmatig, getrouw en toegewijd dier. Deze hond vindt het fijn als zijn baas blij met hem is en zal er alles voor doen om dat te bereiken. Met zijn robuuste lichaam en extreme toewijding, kan deze hond een uitstekende bewaker zijn. Dit ras is meer territoriaal en minder sociaal dan veel van zijn verwanten.

De Welsh Cardigan Corgi kan uitermate actief en toegewijd zijn. Deze slimme kleine hond kan het meestal goed vinden met zorgzame kinderen. Het wordt niet aangeraden deze hond met andere honden te laten omdat de Welsh Cardigan Corgi tegenover ander honden agressie kan vertonen. Deze honden kunnen het wel goed vinden met andersoortige dieren en honden van hetzelfde ras.

Deze hond kan dan wel geen partij zijn voor een sterke tegenstander, of te klein voor de situatie, maar hij zal zich niet zonder te vechten laten overwinnen. De Welsh Cardigan Corgi is zeer geschikt om alarm te slaan en heeft de neiging veel te blaffen.

De Welsh Cardigan Corgi heeft een forse waterdichte vacht en is makkelijk te verzorgen. Af en toe borstelen met een stevige borstel zal voldoende zijn om de vacht netjes en schoon houden. De Welsh Cardigan Corgi komt twee keer per jaar in de rui.

De gemiddelde levensverwachting voor de Welsh Cardigan Corgi is 12 tot 15 jaar.

Over het algemeen is dit een gezonde hond, en de Welsh Cardigan Corgi kent dan ook weinig gezondheidsproblemen. Toch hebben sommige van deze honden een aanleg voor PRA en grauwe staar. Dit ras heeft de neiging om snel aan te komen en mag niet overvoerd worden.
\

Schofthoogte
30 cm.
Gewicht
12 - 17 kg.

Verschijning
Stevig, beweeglijk.

Aard
Actief, levendig.

Hoofd
Uiterlijk: vosachtig.
Schedel: breed, vlak tussen oren.
Neus: zwart

Ogen
Niet te groot.
Kleur: donker, oogranden donker.

Oren
Groot, rechtop staand.
Ronde toppen.

Mond
Onderkaak: mag niet vooruit steken.
Gebit: schaargebit.

Hals
Gespierd.

Voorhand
Schouders: gespierd.
Benen: kort.
Voeten: iets naar buiten gedraaid.

Lichaam
Borst: niet te breed.
Lichaam: lang, sterk.
Borstkas: diep.
Ribben: goed gewelfd.
Taille: duidelijk.

Achterhand
Sterk.
Benen: kort.

Voeten
Gesloten, rond.
Hubertusklauwen moeten verwijderd worden.

Beweging
Vlot.

Staart
Niet lang.
Mag niet gekruld op de rug zijn.

Kleur
Alle kleuren zijn toegestaan. Eventueel met aftekening.
Wit mag niet overheersen.

Vacht
Kort, middellang.
Structuur: hard.

NB
Reuen: twee testikels moeten goed ingedaald zijn in het scrotum.\