Herkomst
Oud ras uit Tibet, levend in de kloosters.
Tevens bij alle lagen van de samenleving geliefd als gezelschapshond en als waakhond, die vanuit een hoge positie de verre omtrek in de peiling hield en met schel geblaf onraad aankondigde.
Nog steeds zitten Tibetaanse Spaniëls graag hoog op de uitkijk.
Algemeen voorkomen
Klein, lichaamsbouw langer dan hoog, met een actieve en alerte uitstraling.
Schofthoogte reuen en teven ongeveer 25 cm
Gewicht ongeveer 4-7 kg
Vacht Bovenvacht zijdeachtig, kort op gezicht en voorkant benen, matig lang en vlak aanliggend op het lijf.
Ondervacht fijn en dicht.
Oren, achterkant van de voorbenen, broek en staart langer behaard.
Alle kleuren en kleurcombinaties zijn toegestaan.
Gebruik gezelschapshond
Gezondheid Zoals bij veel kleine rassen kan ook in dit ras incidenteel patella luxatie voorkomen.
Aard Intelligent, vrolijk, zelfverzekerd, onafhankelijk, niet uitblinkend in gehoorzaamheid, maar zijn eigen mensen zeer toegenegen.
Tot op hoge leeftijd actief.
Zeer waaks, afstandelijk ten opzichte van vreemden.
Bijzonderheden De vacht vraagt behalve een wekelijkse borstelbeurt geen bijzondere aandacht.