Alles over honden: rassen, opvoeding en gezondheid Onafhankelijk · Een site van Petmedia

De Tsjechoslowaakse wolfhond is ontstaan in 1955 uit kruisingen tussen de Duitse Herder en wolven, ongeveer gelijktijdig met de Saarloos Wolfhond. Het doel was een nieuw ras te creeeren wat zich kon aanpassen aan het koude en gure klimaat in Slowakije. Opvallend in de eerste kruisingen waren de schuwheid en agressiviteit van de honden. Eigenschappen die geerfd zijn van de wolf. Uit deze eerst generatie dieren werden een aantal geselecteerd om verder te fokken. Deze selectie werd gekruist met Duitse Herders. Na vijf generaties kwamen hier een aantal honden uit die ingezet zijn als legerhond. Voor deze honden was het wel noodzaak om ze op vroege leeftijd te socialiseren om ze handelbaar te houden. De meeste dieren konden echter niet ingezet worder doordat ze extreem agressief waren. Nadat het leger zich teruggetrokken had uit het ras, stopte de fok bijna compleet in 1971.

Tsjechoslowaakse wolfhond
Foto: Eigen archief

In 1982 is er een club opgericht voor de Tsjecho Slowaakse Wolfhond waarbij de fok weer is opgepakt. De FCI heeft de Tjsecho Slowaakse Wolfhond in 1999 volledig erkend, nadat het ras al eerder in 1989 voorlopig erkend was.

De hond is een krachtige, grote hond. Het gangwerk, de vacht en de lichaamsbouw lijken op die van de wolf. Reuen wegen tussen de 25 en 30 kg, teven wegen ongeveer 20 tot 25 kg. Een reu hoort minimaal 65 cm hoog te zijn, de teef is iets kleiner met een minimale hoogte van 60 cm. De levensverwachting van het ras ligt tussen de 12 en 18 jaar.

De winter en zomervacht verschillen aanzienlijk van elkaar. De wintervacht is dicht en hard met een dikke ondervacht die ook de hele buik, dijen, scrotum, tenen en binnenkant van de oren bedekt. De kleuren lijken op de wolf met geelgrijs tot zilvergrijs en licht masker. De vacht moet af en toe geborsteld worden.